• A. 186 botten
  • B. 206 botten
  • C. 226 botten
  • D. 246 botten

💡 Hulp nodig?

Denk aan een getal tussen 200 en 250. Grappig detail: baby’s hebben er eigenlijk meer dan volwassenen - sommige botjes groeien namelijk samen naarmate je ouder wordt.

✅ Bekijk het antwoord

Het juiste antwoord is B. 206 botten. Dit is het standaardgetal dat je in elk anatomieleerboek tegenkomt. Wel eerlijk gezegd: het kan een beetje variëren per persoon. Sommigen hebben een extra ribbenpaar, anderen missen juist een bepaald botje. Maar 206 is wat je moet onthouden voor de quiz!

📚 Meer achtergrondinformatie

Wat ik altijd fascinerend vind: baby’s worden geboren met zo’n 270 botjes. Tijdens het opgroeien versmelten heel veel van die botjes met elkaar, tot je uiteindelijk uitkomt op die 206. Best veel verschil, toch?

Neem nou de schedel. Bij pasgeboren baby’s zitten daar nog zachte plekken tussen - de fontanellen. Dat is niet voor niets: zo kan het hoofdje van de baby door het geboortekanaal zonder dat er iets kapot gaat. Slim systeem. Die platen groeien dan langzaam dicht tot je een stevige schedel hebt.

Waar zitten al die botten eigenlijk?

Je skelet bestaat uit twee grote groepen. Het axiale skelet - dat’s de centrale as van je lichaam - telt 80 botten. Denk aan je schedel (22 stuks), wervelkolom (26 wervels inclusief heiligbeen en staartbeen), je ribben (24 ribben plus borstbeen) en het tongbeen.

De rest, 126 botten, zit in je armen, benen, schouders en bekken. Dat noemen ze het appendiculaire skelet.

Hier komt het gekke: meer dan de helft van al je botten zit in je handen en voeten. Elke hand heeft 27 botjes, elke voet 26. Tel maar uit - dat is samen al 106 botten. Meer dan de helft van je totaal! Daarom kunnen we ook zulke ingewikkelde bewegingen maken met onze handen.

Van heel klein tot heel groot

Het kleinste botje in je lijf is de stijgbeugel in je middenoor. Die is maar 2 tot 3 millimeter groot. Onvoorstelbaar klein eigenlijk, en toch cruciaal voor je gehoor. Aan de andere kant heb je het dijbeen - het grootste bot - dat bij een volwassen man makkelijk 50 centimeter lang kan zijn. Dat’s een kwart van je totale lengte.

Waarom deze vraag zo goed werkt in een quiz

Dit is zo’n vraag waarbij iedereen denkt: “Oh, dat weet ik… ongeveer.” Je hoort teams dan fluisteren: “Was het nou 200-en-iets? Of 250?” Niemand weet het écht zeker, maar het ligt net binnen bereik van wat logisch klinkt. Dat creëert spanning. En eerlijk gezegd ook vaak discussie aan tafel.

Leonardo da Vinci heeft trouwens super gedetailleerde anatomische tekeningen gemaakt van het menselijk skelet. Dat was in de 15e eeuw, en ze zijn nog steeds verrassend accuraat. Hij schreef ergens: “Het menselijk lichaam is de meest perfecte machine die ooit is ontworpen.” Behoorlijk poëtisch voor een anatoom.

Het exacte aantal verschilt eigenlijk

Hoewel 206 het officiële antwoord is, klopt het niet voor iedereen helemaal. Ongeveer 1 op de 20 mensen heeft een extra ribbenpaar - 13 in plaats van 12 paar. Dan kom je uit op 208. Sommige mensen hebben extra kleine botjes in hun handen of voeten, of juist bepaalde botjes die niet helemaal zijn uitgegroeid.

Dan heb je ook nog sesambeentjes - kleine ronde botjes die in pezen kunnen zitten. De knieschijf is daar een voorbeeld van, maar sommige mensen hebben er meer.

Je botten zijn trouwens niet statisch. Ze vernieuwen zich constant. Ongeveer elke 7 tot 10 jaar heb je een compleet nieuw skelet - oud botweefsel wordt vervangen door nieuw. Dat proces vertraagt wel als je ouder wordt, wat verklaart waarom oudere mensen sneller botbreuken krijgen.

Wat doen al die botten eigenlijk?

Nou, de voor de hand liggende dingen natuurlijk: ze geven structuur aan je lichaam en beschermen je organen. Je hersenen, hart en longen zouden zonder bescherming behoorlijk kwetsbaar zijn.

Maar er gebeurt veel meer. In je beenmerg worden bloedcellen aangemaakt. Je botten slaan mineralen op, vooral calcium en fosfor. En ze werken als hefbomen zodat je spieren je kunnen laten bewegen.

Botten zijn ook belachelijk sterk. Een kubieke centimeter botweefsel kan ongeveer 10.000 kilo dragen voordat het breekt. Dat is sterker dan beton! Maar ze zijn niet bros - ze hebben juist een zekere flexibiliteit die ze veerkrachtig maakt.

Voor een pubquiz is dit gewoon een klassieke vraag. Je test algemene kennis, een beetje biologisch inzicht, en het antwoord is duidelijk te checken. Het is niet zo simpel dat iedereen het meteen weet, maar ook niet zo moeilijk dat niemand in de buurt komt. Teams die een beetje nadenken en logisch redeneren hebben een eerlijke kans. En dat is precies wat je wilt.